12 sep

Vechtdal: ga mee met de bus langs watermaatregelen

Op 11 oktober organiseert LTO-Noord in het Vechtdal een rondleiding op twee locaties waar agrarische ondernemers maatregelen treffen op het gebied van waterbeheersing.

In Zuidwolde demonstreert een veehouder hoe hij het waterpeil reguleert op zijn percelen. In Stegeren bekijken we robuuste watersystemen van regelbare stuwen en drainage. De rondleiding vindt plaats in de vorm van een busrit, de ‘Waterkaravaan’. Deze excursie wordt georganiseerd door LTO Noord vanuit het project ‘Regio Deal Zwolle’ en wordt mede mogelijk gemaakt door het ‘Deltaplan Agrarisch Waterbeheer’.

Hier vindt u het programma en de link om aan te melden.

01 aug

Waarschuwing gebruik online simulatietool RVO

Eind juli heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de simulatietool voor de eco-regeling online beschikbaar gemaakt voor alle boeren in Nederland. Deze eco-regeling is een nieuw instrument dat onderdeel is van het nieuwe GLB-NSP dat per januari 2023 in werking treedt. Zie deze website van RVO voor de tool.

Deze simulatietool geeft echter een vertekend (te positief) beeld. In deze tool ontbreken namelijk 2 essentiële onderdelen van de eco-regeling die van doorslaggevend belang zijn bij het bepalen van je score, namelijk:

(1) de regionale differentiatie: de waarde die je kunt scoren met een eco-activiteit verschilt al naar gelang of je in regio 1 (zand) zit of in regio 2 (klei/overig). In de online tool wordt alléén gerekend met de waarden van regio 2. Voor een groot deel van onze leden is dit onjuist.

(2) de link met GLMC8 (de verplichting om 4% van je bouwland niet-productief in te zetten): als je niet-productief areaal opgeeft in de eco-regeling en datzelfde areaal óók wilt inzetten om te voldoen aan GLMC8, dan wordt de waarde van die eco-activiteit(en) in de eco-regeling niet meegeteld. In deze versie van de tool wordt die waarde echter wél meegerekend, omdat de link met GLMC8 uit deze tool gehaald is.

Als gevolg hiervan geeft deze simulatietool een vertekend – te positief – beeld qua behaalde waarde (in €), en dus ook van de (potentieel) te behalen eco-premie. De behaalde waarde komt in deze versie van de tool hoger uit dan hij in werkelijkheid is, en dat geldt met name voor bedrijven op zand. Bedrijven op zand moeten namelijk – vanwege het 7e Actieprogramma Nitraat – aan méér eisen voldoen. Daarom scoort eco-activiteit ‘groenbedekking’ €0 als je in regio 1 (zand) zit, terwijl dezelfde eco-activiteit in regio 2 (klei/overig) €440 scoort. Aangezien de tool alleen de waarden van regio 2 meetelt, is de tool voor bedrijven op zand per definitie niet kloppend.

Verschil in bruikbaarheid simulatietool tussen veehouders en akkerbouwers
In algemene zin is deze uitgeklede versie van de simulatietool accurater voor veehouders dan voor akkerbouwers, omdat er meer regionaal verschil zit tussen de waarden van de verschillende akkerbouwgerelateerde eco-activiteiten dan tussen de veehouderijgerelateerde activiteiten. Dat geldt des te meer voor veehouderijen die vrijgesteld zijn van GLMC8: namelijk bedrijven met met meer dan 75% gras (en/of kruidachtige/vlinderbloemige gewassen en/of braak).

Verder gaat deze uitgeklede versie van de simulatietool dus uit van de waarden die gelden voor de regio ‘klei/overig’, waaronder veen. Dus voor veehouderijen op veen/klei met meer dan 75% gras (en/of etc.) is hij het meest accuraat. Voor veehouderijen met minder dan 75% gras (en/of etc) geldt dat zij – op hun areaal bouwland – moeten voldoen aan GLMC8 en dat maakt deze versie van de tool weer wat minder bruikbaar.

Sloten als niet-productief areaal
Overigens: als een bedrijf voldoende sloten in beheer of eigendom heeft om te kunnen voldoen aan de eis van 4% niet-productief, dan speelt die link met GLMC8 in de tool een veel minder doorslaggevende rol in de score qua waarde. Desalniettemin kan de ontbrekende regionale differentiatie bij bedrijven op zand dan nog steeds een substantiële afwijking veroorzaken qua gerealiseerde waarde.

30 jun

Ook dit jaar op pad voor ‘On the way to PlanetProof’

Collectief Midden Overijssel is, net als enkele andere collectieven in Nederland, weer door FrieslandCampina gevraagd om een deel van de borging van het ‘On the Way to PlanetProof’ keurmerk te verzorgen. Leveranciers van PlanetProof melk moeten aan een aantal criteria voldoen, waaronder een aandeel kruidenrijk grasland en agrarisch natuurbeheer op hun bedrijf.

Leonard Rouhof en René Wieggers zullen de komende maanden op pad gaan om het beheer te registreren, te adviseren over de specifieke pakketten ‘Beheer Biodiversiteit Melkveehouders’ (BBM-pakketten) en deze te toetsen in het veld.

30 jun

GLB-pilot ‘Motiverend Belonen in Salland’

Het Collectief Midden Overijssel is betrokken bij twee GLB-pilots waarin we samen met boeren en andere gebiedspartijen onderzoeken wat de kansen en mogelijkheden zijn om te boeren met landschapswaarden. In deze pilots krijgen wij vooruitlopend op het nationale beleid de mogelijkheid om te experimenteren met maatregelen met de boeren. In Salland doen we dat in de GLB-pilot ‘Motiverend belonen in Salland’. In deze pilot werken we samen met externe projectleiders.

Lees verder op de webpagina van de GLB-pilot.

30 jun

Wie is Corney Niemeijer?

Geen boerenzoon, maar zeker boerenbloed!

Mijn bedrijf Landerije de Bunte heb ik vanaf nul opgebouwd. Op inmiddels 42 ha grond op landgoed Twickel staat een gezond natuurinclusief landbouwbedrijf met 180 Noord Hollanders. Op het kruispunt van natuur & landbouw, van fysiek & mentaal, van hands-on & beleidsmatig gebruik ik mijn opgedane kennis en ervaring voor een brede blik met inhoudelijke kennis van zaken. Zowel voor mijn eigen bedrijf als in opdracht en belang van derden.

Die opdrachten kunnen gaan om bedrijfsplannen ontwikkelen, projectmanagement, bedrijfsadvies, sparringpartner zijn en het verzorgen van lezingen en gastlessen. Dit kan extern, maar ook op onze Hooizolder. Belangrijk is wel: de opdracht moet binnen mijn expertise en competentie passen, er moet tijd voor zijn (dieren en grond gaan voor) en ik wil er energie van krijgen.

Als 12-jarige ben ik begonnen als zaterdaghulp bij de boer en via MAS en HAS (agrarische bedrijfskunde/marketing&sales) het bedrijfsleven in gerold. Logistiek, automatisering en metaal, passie voor ondernemen, altijd strak in het pak. Maar sinds 1999 met de laarzen in de mest en het zand fulltime boer. Kringloopboer zelfs. En sinds kort dus ook voorzitter van Collectief Midden Overijssel. Daarnaast is mijn bedrijf vanaf april dit jaar ook demonstratiebedrijf Natuurinclusieve Landbouw.

Komend jaar wordt een druk jaar, met genoeg uitdagingen. Voor het gezonde tegenwicht gaat af en toe even het verstand op nul en de blik op oneindig: hardloopschoenen aan, op de racefiets of wat baantjes trekken in het zwembad.

30 jun

Voorlopige resultaten weidevogelseizoen

In ons collectief stellen boeren in acht weidevogelgebieden percelen beschikbaar voor weidevogelbeheer. Er zijn grote verschillen te zien in de voorlopige resultaten van het huidige seizoen. De oorzaak hiervan is grotendeels terug te voeren op de mate van predatie per gebied.

 

Resultaten
Zo hebben we gebieden waarin gelukkig veel kuikens vliegvlug zijn geworden, onder andere in Vroomshoop, Vriezenveen, Schanebroek en Lierderbroek. In Schanebroek konden we merken dat sinds de inzet van een stroomraster meer weidevogels vliegvlug worden. Daar staan gebieden tegenover waarin de kuikens dit jaar veel minder tot nauwelijks kansen kregen om vliegvlug te worden: Bolwerksweiden (Deventer), Dijkershoek en Fliermaten in Holten en het Hellendoornsebroek.

Over het algemeen kunnen we constateren dat het met de kievit (de meeste nesten zitten op het bouwland) dit jaar wederom niet al te best ging. Dit, omdat naast de predatiedruk, ook de weersomstandigheden in het vroege voorjaar van invloed waren. De relatief vele bewerkingen op het bouwland over een lange periode in combinatie met de onderwerking van vegetatie zorgen ieder jaar voor veel verstoringen en werkt bovendien predatie door vos, kraai en steenmarter in de hand (zwart bouwland – minder camouflage).

Tomeloze inzet
Veel respect gaat uit naar de vrijwilligers die zich dit weidevogelseizoen weer tomeloos ingezet hebben om het maximale broedresultaat te halen. De Drone-teams stonden de afgelopen maanden bij het gloren van de dag al in het veld om nesten op te zoeken. Veldwerkers hebben nesten opgezocht en gemarkeerd. In overleg met de boeren hebben zij belangrijke nazorg geleverd om de overlevingskansen te vergroten. Maar ook de jagers die tot in de nachtelijke uren in touw zijn geweest om de predatiedruk laag te houden. Dank jullie allemaal! Alleen samen kunnen we ervoor zorgen dat de weidevogels in deze gebieden voldoende overlevingskansen hebben.

Tot slot  hier een link naar een interessant artikel in de Groene Ruimte ‘Vogels op blijvend grasland, productief en extensief kruidenrijk grasland’.

Leonard Rouhof, Veldmedewerker

30 jun

ANLb 2023: waar staan we nu

Op dit moment werken we hard aan de laatste loodjes van een (concept)versie van de beheerpakketten en de beheerstrategie voor 2023. Ons doel is uiterlijk 15 juli deze versies op de website te plaatsen, samen met een heldere uitleg op welke manier we samen in gesprek kunnen over beheerafspraken voor 2023.

Gaat alles helemaal op de kop? Welnee. Wel willen we als collectief een kwaliteitsslag in het beheer maken. Dat betekent soms wat strengere pakketvoorwaarden, soms wat andere prioriteiten in het beheer. En soms is de enige verandering dat het beheerpakket wat duidelijker is omschreven en de vergoeding wat is gestegen 🙂

Op 12 juli (online informatiebijeenkomst) vertellen we graag over wat we anders gaan doen voor leefgebied Dooradering. In dit leefgebied ligt de focus op soorten die profiteren van de ‘dooradering’ van het landschap. Denk aan landschapselementen, randenbeheer of botanisch grasland. In latere bijeenkomsten geven we meer informatie specifiek voor het akkervogelbeheer en de weidevogelgebieden.

Yvette Ruesen, Interim-projectleider ANLb

30 jun

Perspectief voor de toekomst

Er is onrust in het land onder de boeren en grondgebruikers. In de beleidsbrieven die op 10 juni zijn uitgegaan hebben Ministers van der Wal en Staghouwer aan de Tweede kamer bekend gemaakt hoe het stikstofbeleid per regio eruit ziet. Het is nu aan de provincies om hier verdere invulling aan te geven. De provincie Overijssel heeft in een reactie kenbaar gemaakt dat de stikstofplannen die het kabinet gepresenteerd heeft ‘onhaalbaar en ‘niet passend’ zijn bij de aanpak die Overijssel wil (nieuwsbericht RTV Oost). De provincie Overijssel gaat daarom door met zijn eigen plannen om de natuur te herstellen en de stikstofuitstoot te verminderen en neemt de ruimte om af te wijken met logischer en realistischer aanpak, afgestemd met andere opgaven en over een reëlere tijdsperiode.

Ondertussen weten velen van ons nog steeds niet waar ze aan toe zijn. Als collectief met meer dan 300 leden die agrarische natuur beheren kunnen we de landelijke ontwikkelingen op gebied van stikstof niet beïnvloeden, maar het raakt ons natuurlijk wel. Het uitblijven van een perspectief voor de toekomst maakt het voor onze deelnemers lastiger om met ons in gesprek te blijven over het Agrarisch Natuur en Landschapsbeheer (ANLb): je weet nu nog simpelweg niet wat de exacte opgave in het gebied en per locatie is. Veel is nog onduidelijk.

Aan de andere kant wordt er ook naar het collectief gekeken als een deel van de oplossing. Het bieden van een alternatief met agrarisch natuurbeheer. Wij gaan daarom liever druk aan de gang met waar we goed in zijn. Zorgen dat het agrarisch natuurbeheer in ons gebied op de juiste plek en op de juiste wijze wordt ingevuld en uitgevoerd. Maar we kijken ook vast vooruit naar de rol die we kunnen spelen als onafhankelijke gebiedspartij. Daarin nemen we de resultaten die we samen met onze leden hebben behaald op het gebied van landschap en biodiversiteit met de uitvoering van het (ANLb) mee. Kortom: de ervaringen die we de afgelopen jaren hebben opgedaan met een gebiedsgerichte aanpak.

Binnenkort komt de gedeputeerde van de provincie Overijssel bij ons langs. Dan gaan we graag met hem over deze onderwerpen in gesprek. In de tussentijd blijven we met onze GLB-pilots ruimte zoeken voor maatwerk en werken we onverminderd hard door aan het klaar zetten van een nieuwe ANLb-periode vanaf 2023. Dat doen we met een organisatie die in ontwikkeling is; we hebben een nieuwe voorzitter en we kijken naar uitbreiding van het team.

Wat de toekomst ons brengt, weten ook wij niet. Dat die open ligt en dat we met elkaar verder moeten, is een ding dat zeker is. Wat we ook zeker weten is dat er in 2023 een nieuwe periode start met nieuwe contracten. Na de zomer starten we hiervoor met de voorintekeningen en we hopen jullie dan ook weer telefonisch of op locatie te spreken.