Agrarisch Natuurbeheer

Vanaf 1 januari 2016 gaat het nieuwe gemeenschappelijke landbouwbeleid (GLB) onder pijler 2 ruimte bieden voor het subsidiëren van agrarisch natuur- en landschapsbeheer en waterbeheer (ANLB) via een collectieve benadering. Dit is nodig voor het verbeteren van de kwaliteit en effectiviteit van het ANLb.

De uitvoeringslasten van het huidige Subsidiestelsel Natuur en Landschap (SNL) zijn namelijk erg hoog. Deze moeten met ruim 50% naar beneden. Bij de ontwikkeling van het nieuwe stelsel hanteert de overheid een aantal uitgangspunten:

  1. Effectieve en efficiënte realisatie van maatschappelijke doelen
  2. Betere en meer duurzame deelname van boeren
  3. Ruimte voor ondernemerschap
  4. Lagere uitvoeringskosten

Collectieven in de vorm van groepen van boeren en andere agrarische grondgebruikers gaan een belangrijke rol spelen in het nieuwe subsidiestelsel: zij zijn eindbegunstigde (en daarmee eindverantwoordelijk) voor de subsidie agrarisch natuur- en landschapsbeheer. De uitvoering van het ANLb wordt door het gebied georganiseerd, waardoor er meer samenhang in beheer komt en daarmee de beheerkwaliteit en de ecologische kwaliteit in het gebied verbeterd.

Collectieven met kwaliteit
Uitgangspunt van het Plan van Aanpak is dat agrarische collectieven op basis van een gebiedsaanvraag ‘aan de voordeur’ afspraken maken met overheden over de te leveren prestaties op gebiedsniveau (via een gebiedsaanvraag) en ‘aan de achterdeur’ afspraken maken met boeren en andere agrarische grondgebruikers over het te voeren beheer op bedrijfsniveau (via beheercontracten).

Om de kwaliteit van het agrarisch natuur- en landschapsbeheer te kunnen verbeteren, wordt naast het opzetten van een professionele organisatie van agrarische collectieven, ook ingezet op het verbeteren van de planvorming en de uitvoering van het ANLb. Daartoe wordt in het proces van de gebiedsaanvraag een ecologische toets ingebouwd en op basis van veldinventarisaties en evaluatie van het beheer continue gewerkt aan de verbetering van het agrarisch natuur- en landschapsbeheer. Ten behoeve van deze kwaliteitsverbetering wordt ingezet op kennisverbetering en -uitwisseling in en tussen de gebieden en het vertalen van onderzoeksresultaten naar de praktijk in toepasbare maatregelen voor uitvoering.

De uitvoering in de gebieden
Vanaf 2016 maakt de overheid geen afspraken meer met de individuele grondgebruikers, maar met het agrarisch collectief. Die ‘voordeurafspraken’ gaan over de gewenste prestaties, bijvoorbeeld in termen van aantallen hectares weidevogelbeheer of kilometers houtsingel. Bij die voordeurafspraken moet voldoende ruimte zijn voor regionaal maatwerk bij het maken van (achterdeur)afspraken met de individuele deelnemers.

Het agrarisch collectief ziet toe op de uitvoering van het agrarisch natuur- en landschapsbeheer in het gebied, controleert en sanctioneert indien nodig en regelt de betalingen.

Certificering
Om de kwaliteit te waarborgen heeft het collectief op 25 april 2015 een verzoek tot certificering ingediend. Het bestuur van de Stichting Certificering SNL heeft het kwaliteitshandboek beoordeeld en op 30 juli 2015 het besluit genomen ons het certificaat “Collectief Agrarisch Natuurbeheer” te verlenen.